maandag 19 maart 2018

Kees Pruis - Oh Johanna (1934) (Decca M 32004 mtx AM 39) (78rpm)

Cornelis (Kees) Pruis (Spaarndam, 7 maart 1889 – Amsterdam, 28 maart 1957) was een Nederlands cabaretier en volkszanger, die vooral populair was tijdens het interbellum. Hij staat vooral bekend om: Zij die niet slapen (1921), De kleinste ("in 't groene dal, in 't stille dal") (1926), Ik zou wel eens willen weten wie mij thuis heeft gebracht (1927), De populaire feestmarsch ("en dat we toffe jongens zijn dat willen we weten...") (1929), Twee ogen zo blauw (1929), Ik heb een spijker in mijn schoen (1931), O sergeant, ze hebben mijn sokken gestolen (1939) en Zit ik op mijn duivenplatje (1947).


Pruis was aanvankelijk groenteboer alvorens hij dankzij optredens in cafés en kleine theatertjes een populair revuezanger werd. Hij debuteerde in 1914 als zanger in de Schouwburg van Haarlem. Pruis stond bekend om zijn vrolijke, luchtige liedjes, waardoor hij de bijnaam "de gentleman-humorist" verkreeg. Hij was een van de eerste Nederlandse zangers die vaak op de radio optraden. Hij kon ook goed dronken mensen neerzetten, wat hem goed van pas kwam in komische liedjes als Waar woon ik? (1925) en Ik heb voor vannacht een kruier afgehuurd (1935). Ondanks zijn lichtvoetige reputatie nam Pruis ook wel eens ernstig, geëngageerde nummers op, zoals Zij die niet slapen (1921).


Na de Tweede Wereldoorlog vormde hij samen met zijn zoon, Jan Pruis, een revueduo genaamd "Mr. Yank & Mr. Doodle", dat optrad voor de Nederlandse soldaten die in Nederlands-Indië gelegerd waren. In 1957 overleed hij na een zware ziekte.


Kees Pruis - Oh Johanna




Geen opmerkingen:

Een reactie posten